Column 4: Ontmoeting

SlipperWij hebben bergschoenen. "Zou jij die niet een paar willen?" vraag ik haar.
Ze haalt haar schouders op.
Misschien heeft ze wel geen wensen. Is ze alleen maar moe.
"Nederland crisis," zeg ik. "Jullie ook crisis?"
Het kwartje valt niet.
"No Money! Crisis! Ik wijs naar mijn vrouw. Auto inleveren!!"
Ik kijk naar haar slippers. Die hebben hun allerbeste tijd wel gehad.
"Crisis!" wijs ik naar haar voeten. Ze zit voor haar zware mand.
Haar voeten, laten zich lezen als een boek.

VrouwStevige kost. Het is bloedheet.
"Kinderen?" vraagt ze.
"Twee, zeg ik," en reik naar een punt rond de twee meter.
Ze maakt met haar hand een schrijfgebaar. Of ze naar school gaan. Ik knik.
"Niet ziek?" informeert ze bezorgd. Nee, ze vreten de oren van je hoofd.
"Niet ziek en leuke vriendinnen," maak ik duidelijk.
"Goed," zegt ze en maakt weer dat schrijfgebaar. Kunnen lezen, schrijven en niet ziek zijn is kennelijk belangrijker dan dat ze leuk zijn.
"Vriendinnen sterk?" vraagt ze en wijst op haar mand. Daar moeten wij eens hartelijk om lachen.

Ze staat op. De komende kilometers gaan stijl omhoog.
Ik schat haar op een jaar of 35.
"Namasté!!" groet ze met een lange uithaal.
"Houdoe!!" groet ik per ongeluk terug.
Wij blijven nog even uitrusten, want onze schoenen knellen.

© Mark van Roosmalen